Arbeidstijden- & Arbowet

Werk & Privé 22 - 12 - 2015 // 41163 keer bekeken

Inleiding
Werknemers worden door de wet op een aantal manieren beschermd. Zo ook door de Arbeidstijdenwet en Arbowet.

In de Arbeidstijdenwet is geregeld hoe lang een werknemer per dag en per week mag werken en op welke momenten hij het werk moet onderbreken voor een pauze. De Arbeidstijdenwet beschermt de veiligheid, gezondheid en het welzijn van werknemers via minimumvoorschriften voor arbeids- en rusttijden. Ook zorgt de Arbeidstijdenwet ervoor dat werk, privé en zorgtaken beter met elkaar gecombineerd kunnen worden.

De werkgever van Nienke legt Nienke een dienst op van 13 uur. Nienke twijfelt of dit wel is toegestaan. In de ATW is geregeld hoe lang een werknemer per dienst mag werken. Per dienst mag een werknemer maximaal 12 uur werken. De werkgever mag Nienke dus maximaal 12 uur per dienst inzetten.

Arbeidstijdenwet
In de Arbeidstijdenwet zijn speciale regels opgenomen voor vrouwen met het oog op zwangerschap en moederschap. Voor een zwangere en de pas bevallen vrouw, dient het werk zodanig zijn ingericht dat rekening wordt gehouden met haar specifieke omstandigheden. Zo heeft een zwangere vrouw bijvoorbeeld recht op extra pauzes en is zij niet verplicht om over te werken of een nachtdienst te draaien. Ook heeft de werkende moeder gedurende de eerste negen (9) maanden na de geboorte van haar kind het recht haar werk te onderbreken voor het geven van borstvoeding of om te kolven. De werkgever moet hiervoor een geschikte ruimte ter beschikking stellen. De werkende moeder heeft recht op het geven van borstvoeding of om te kolven voor de duur van in totaal een kwart (1/4) van de arbeidstijd. De werkgever is verplicht deze tijd door te betalen, ondanks dat er geen arbeid wordt verricht.

In de Arbeidstijdenwet zijn bepalingen opgenomen die betrekking hebben op de arbeids- en rusttijden van zwangere en borstvoeding gevende werkneemsters.
Een zwangere werkneemster heeft tot zes maanden na de bevalling recht op:

  • regelmatige arbeids- en rusttijden;
  • maximaal 10 uur arbeid per dienst en gemiddeld 45 uren per 16 weken;
  • extra pauzes (1/8 van de arbeidstijd);
  • een geschikte, afsluitbare ruimte om te rusten (met bed of rustbank) of te kolven;
  • geen overwerk of nachtdiensten;
  • zwangerschapsonderzoek tijdens werktijd.
     

De Arbeidstijdenwet geeft buitengrenzen, binnen deze grenzen kunnen werkgevers en werknemers zelf afspraken maken over de arbeidstijden. Deelname aan het arbeidsproces mag er niet voor zorgen dat de gezondheid en het welzijn van de werknemer in gevaar komen. Eén van de uitgangspunten van de Arbeidstijdenwet is dat rekening wordt gehouden met de persoonlijke omstandigheden van de werknemer. Het kan hierbij gaan om de zorg voor een pasgeboren kind, maar ook verantwoordelijkheden die worden gedragen door de werknemer ten opzichte van afhankelijke familieleden, verwanten en naasten.

Sita werkt sinds twee jaar als jurist bij bedrijf X in Almelo. Ze werkt gewoonlijk 36 uur per week. Sita is sinds een jaar moeder van Tom.  Bij Tom is vastgesteld dat hij verstandelijk gehandicapt is. Hij is hierdoor erg afhankelijk van zijn moeder. Sita moet vaak tussen de middag naar huis om te kijken of het goed gaat met Tom. Op het moment dat de werkgever van Sita haar arbeids- en rusttijdenpatroon vaststelt, moet de werkgever op grond van goed werkgeverschap rekening houden met de persoonlijke belangen van Sita. Dit houdt in dat hij rekening moet houden met het feit dat Sita een kind heeft die afhankelijk is van zijn moeder.

De arbeid- en rusttijdenpatronen moeten door de werkgever schriftelijk worden vastgelegd. Alle gegevens met betrekking tot de arbeid- en rusttijden van een werknemer moeten aan deze werknemer ter beschikking worden gesteld.

Arbowet (Arbeidsomstandighedenwet)
Op grond van de Arbowet moet de werkgever een zwangere werknemer, binnen twee weken na de melding van haar zwangerschap, over de navolgende onderwerpen informeren:

  • de mogelijke gevaren van het werk voor haar en het (ongeboren) kind tijdens zwangerschap en borstvoeding;
  • de maatregelen om deze gevaren voor haar en het ongeboren kind te voorkomen/ te beperken;
  • de aanpassing van de werk- en rusttijden bij zwangerschap;
  • de arbeidsvoorwaardelijke consequenties;
  • de afsluitbare rustruimte in het bedrijf voor zwangere en borstvoedinggevende werkneemster.
     

Arbeidsrisico's
De werkgever is daarnaast verplicht de arbeidsrisico's in de Risico Inventarisatie & Evaluatie (RI&E) te vermelden. In de RI&E moet worden vastgelegd welke risico’s aanwezig zijn voor de borstvoeding, de zuigeling en de werkneemster zelf die borstvoeding geeft.

De volgende risico’s kunnen van invloed zijn op de borstvoeding of de zuigeling:

  • blootstelling aan gevaarlijke stoffen;
  • blootstelling aan biologische agentia (infectierisico’s);
  • werkstress.


De zwangere werkneemster ontvangt een kopie van dit onderdeel van de RI&E zodat zij dit zelf kan nalezen. Zo kan zij de gezondheid van haar ongeboren kindje ook zelf beschermen.

Beperking risico’s
Werkt de zwangere werknemer met gevaarlijke stoffen of moet zij veel tillen en dragen? Dan moet de werkgever haar werkzaamheden aanpassen. Om risico's voor een zwangere werknemer en haar ongeboren kind te beperken, geldt een aantal wettelijke plichten (inclusief zorgplicht) en een aantal overige maatregelen.

Wettelijke plichten (inclusief zorgplicht):
De werkgever is verplicht het werk voor de zwangere werkneemster zo te organiseren dat het werk geen schadelijke gevolgen heeft voor de zwangerschap, het ongeboren kind en de werkneemster zelf.

De wet schrijft de beheersmaatregelen voor en de volgorde waarin deze genomen moeten worden.
Deze zijn:

  • de risico’s wegnemen binnen de eigen functie en de eigen werkplek
  • aanpassing van het werk en/of aanpassing van de werk- en rusttijden
  • ander werk
  • het tijdelijk vrijstellen van het verrichten van arbeid
     

NB: Een volgende maatregel mag pas genomen worden, als een eerdere maatregel redelijkerwijs niet mogelijk is.

De zwangere werkneemster heeft recht op aanpassing van de werk- en rusttijden.
De aanpassing bestaat uit:

  • beperking van onregelmatig werk in het algemeen en nachtarbeid in het bijzonder
  • extra pauzes
  • maximering van het aantal werkuren per dag, maand en kwartaal
  • gelegenheid om zwangerschapsonderzoeken te ondergaan
     

Daarnaast kent de Arbowet vier expliciete verboden voor een zwangere werkneemster.
Zij mag in het werk niet:

  1. worden blootgesteld aan lood en zijn verbindingen;
    (Het is verboden de zwangere werknemer te laten werken met lood en loodverbindingen: deze stoffen zijn zeer schadelijk.)
     
  2. worden blootgesteld aan Toxoplasma (Kattenziekte) en het Rubellavirus (Rodehond);
    (Het is verboden arbeid te verrichten waarbij zij kunnen worden blootgesteld aan het Rubellavirus of toxoplasmose, tenzij gebleken is dat zij hiervoor immuun is. Ook bepaalde biologische agentia zijn schadelijk. Dit type stoffen is besmettelijk en kan gemakkelijk ontstaan in slachterijen en bij afvalverwerking. De zwangere heeft het recht deze werkzaamheden te weigeren.)
     
  3. werken onder overdruk zoals duiken en caissonarbeid;
    (Het is verboden werkzaamheden onder overdruk (caissonarbeid) of duikwerkzaamheden te verrichten.)
     
  4. werken in de ondergrondse winning industrie.
    Tillen tijdens en vlak na de bevalling is bezwaarlijk en mogelijk gevaarlijk voor de werkneemster. Daarom moet tijdens de zwangerschap en tot drie maanden na de bevalling het handmatig tillen van lasten zoveel mogelijk beperkt worden. Is tillen toch nodig, dan moet het in één handeling te tillen gewicht minder dan 10 kilo zijn. Vanaf de twintigste week van de zwangerschap mag er niet vaker dan 10 keer per dag maximaal vijf kilo getild worden. Vanaf de dertigste zwangerschapsweek niet vaker dan vijf keer maximaal 5 kilo. Daarnaast mag er tijdens de laatste drie maanden van de zwangerschap niet vaker dan éénmaal per uur gebukt, gehurkt, geknield of staande voetpedalen bediend worden.

 

Overige maatregelen die gelden vanuit de Arbowet:

  • Voldoende rustpauzes tijdens het werk wanneer de zwangere werknemer staand werk verricht.
  • Tijdens de zwangerschap mag de werknemer niet worden blootgesteld aan sterke lichaamstrillingen of schokken.
  • Zorg dat het geluidsniveau niet boven de 80 dB(A) komt.
  • Voorkom blootstelling aan stoffen die de gezondheid van de zwangere werknemer en het ongeboren kind in gevaar kunnen brengen, zoals kankerverwerkkende stoffen.
  • Het is van belang dat de maatregelen voldoende bescherming bieden, uitvoerbaar zijn en niet leiden tot overbelasting van de directe collega’s. Overleg over de maatregelen tussen de werkgever, de leidinggevende en de zwangere werkneemster is daarom van belang.
     

Voorlichting
De werkgever moet de werkneemster voorlichting geven, direct nadat zij haar zwangerschap heeft gemeld. De werkgever moet opnieuw voorlichting geven als de werkneemster meldt dat zij borstvoeding wil gaan geven of geeft. De voorlichting moet aandacht besteden aan de arborisico’s en de maatregelen. Ook moet het recht op aanpassing van werk- en rusttijden en de beschikbaarheid van een rustruimte of voedingsruimte aan de orde komen. Daarnaast moet duidelijk worden waar de werkneemster met vragen terecht kan.

Borstvoeding / kolven
Op grond van de Arbeidstijdenwet is de werkgever verplicht de werkneemster de mogelijkheid te bieden om het werk te onderbreken voor het geven van borstvoeding of om moedermelk af te kolven. De werkgever moet hiervoor een geschikte, afgesloten ruimte beschikbaar stellen. Daarnaast moet de werkneemster de beschikking hebben over koelkastruimte om de afgekolfde melk te bewaren. Wellicht ten overvloede en vaak ook wel aanwezig, moet er in de directe omgeving de mogelijkheid zijn om de handen te wassen.

Op grond van de wettekst en blijkens de jurisprudentie, moet deze ruimte aan een aantal voorwaarden voldoen:

  • de ruimte moet van binnen uit afgesloten kunnen worden;
  • de ruimte moet voldoende privacy bieden;
  • de ruimte moet geschikt zijn om uit te kunnen rusten;
  • in de ruimte moet een (opvouwbaar) bed of een rustbank staan;
  • er moet voldoende verse lucht en voldoende voorzieningen voor klimaatbeheersing zijn;
  • er mogen geen risico's zoals gevaarlijke stoffen en verontreinigingen zijn.
     

In de praktijk zien we dat een dergelijke ruimte vaak gecombineerd wordt met andere ruimten, zoals een spreek- of vergaderkamer. Op basis van bovenstaande opsomming mag helder zijn dat een toilet of bezemkast dus geen geschikte ruimte is. Op het moment dat er binnen het bedrijf van werkgever geen geschikte ruimte aanwezig is, dan mag de werkneemster zelf een plek regelen. Werkgever en werkneemster mogen uiteraard afwijkende afspraken maken. Met toestemming van de werkgever kan de werkneemster zelfs naar haar baby toe gaan om te voeden, dan wel kunnen zij  andere afspraken maken, waarbij te denken aan aangepaste werktijden of thuiswerken.

Bij wet is geregeld dat het de werkneemster is toegstaan tot negen maanden na de bevalling zo vaak en zo lang als nodig is borstvoeding te geven of te kolven. De tijd die werkgever hiervoor beschikbaar moet stellen bedraagt tot maximaal een kwart (1/4) van de werktijd van werkneemster. Deze tijd wordt beschouwd als werktijd. Nu het werktijd is moet de werkgever dan ook het loon doorbetalen.

 

Meer informatie over dit onderwerp?

Vul hier onder uw naam, telefoonnummer en e-mail adres in, dan nemen wij zo spoedig mogelijk contact met u op.

Vind je deze pagina ook nuttig voor je vrienden?

Deel deze pagina dan op jouw favoriete social media!

Gratis spreekuur!

Elke 1e vrijdagochtend van de maand.

Aanmelden is wel verplicht.
Gebruik eenvoudig de aanmeldbutton!

Meld u aan!

Blijf met ons blog op de hoogte van arbeidsrechtelijk nieuws

Wensgroet!

Lees verder

WIEG is 'geboren'

WIEG ook door de Eerste Kamer Op 13 november heeft de Eerste Kamer ingestemd met het wetsvoorstel Wet Invoering Extra Geboorteverlof (WIEG). Dit houdt in dat per 1 januari 2019 het (nieuwe) ge...

Lees verder

Zuiver Arbeidsrecht

MamaWerkt Arbeidsrecht is een initiatief van Zuiver Arbeidsrecht.

Bekijk www.zuiverarbeidsrecht.nl voor meer informatie.

Contactgegevens

Deldenerstraat 61
7551 AC Hengelo (ov)

T: 074 - 700 21 16
E: info@mamawerkt-arbeidsrecht.nl

Ontwerp en realisatie: Bandwerk internet- en reclamebureau